Inca Trail – dag 4 / Machu Picchu

Inca Trail – dag 4 / Machu Picchu
Dinsdag 28 september 1999

Zonnepoort

Het plan is om om vier uur op te staan voor de zonsopkomst bij Machu Picchu en om de grote toeristenmassa te vermijden. Om vier uur ben ik even wakker, het plenst. Rond zes uur is het wel ongeveer opgehouden met regenen, staan we alsnog op, ontbijten vluchtig en beginnen aan de laatste klim. Het valt me tegen, ik ben zo langzamerhand op geraakt. Het is nog ‘maar’ vijf kilometer, hou ik mezelf voor. Bij de Zonnepoort hebben we het hoogste punt van vandaag bereikt en is Machu Picchu voor het eerst zichtbaar. Althans, door de wolkenflarden is af en toe een plukje van de ruïnes zichtbaar. Van de vele foto’s en ansichtkaarten weet ik hoe Machu Picchu markant tegen de bergen ligt. Ondanks de bewolking heb ik het oude Inca-dorp daardoor zo gevonden.

Het laatste halfuur omlaag loopt heerlijk. Af en toe is Machu Picchu te zien en aldoor zijn de donkergroene bergtoppen eromheen zichtbaar. De tocht is volbracht, ik heb de Inca Trail gelopen! Via een achteringang wandelen we het terrein van Machu Picchu op en kort daarna arriveren we bij de officiële toeristeningang. Terug in de beschaafde wereld met draaihekjes, bagagedepot, een restaurant met terras en nog niet zo veel tourbussen. We droppen er onze rugzakken en krijgen een rondleiding.

uitzicht op Machu Picchu vanaf de Inca Trail, Peru

Machu Picchu

Machu Picchu was ooit een dorp, meer eigenlijk niet, er zullen hooguit duizend mensen hebben gewoond. Wat Machu Picchu bij de eerste aanblik bijzonder maakt, is dat de contouren van het dorp nog duidelijk zichtbaar zijn. Het grote centrale plein, de woningen eromheen met smalle straatje ertussendoor, de akkers aan de rand van het dorp in lange smalle treden tegen de steile berghellingen. De plattegrond is nog zo goed als compleet, wat het tot een herkenbaar dorp maakt. Het is niet moeilijk om je de inwoners erbij voor te stellen.

Wat Machu Picchu bij een tweede blik bijzonder maakt, zijn de nauwelijks opvallende details. Natuurlijk ook hier de Inca-muren met op de millimeter precies aansluitende stenen. Maar wat ik zonder gids echt over het hoofd zou zien, is een steen in de vorm van het Zuiderkruis met de bovenste hoek precies gericht op het Zuiderkruis. Hetzelfde geldt voor een korte pilaar die fungeerde als zonnewijzer, een steen waarvan de bovenrand dezelfde vorm heeft als de bergtoppen op de achtergrond en twee rotsen die met wat fantasie lijken op de vleugels van een condor. Het doet me beseffen dat in dit kleine dorpje tussen de met nevelwoud bedekte bergen een indrukwekkend geciviliseerd volk heeft geleefd.

Machu Picchu, Peru
uitzicht op de bergen door een poort in Machu Picchu, Peru
terrassen tegen de steile hellingen bij Machu Picchu, Peru

Taart

De trein terug naar Cuzco vertrekt vanuit Aguas Calientes, een dorpje met warmwaterbronnen lager in het dal. Jesse heeft bij een restaurant in Aguas Calientes een taart geregeld. Dat had ik ‘m gisteravond gevraagd en Jesse kreeg spontaan pretoogjes. Als de taart wordt binnengebracht begrijp ik waarom en heb een beetje spijt. Een vier man sterk straatorkest speelt happy birthday en onder aanmoediging van Jesse zingt de rest van de groep luidkeels mee. Het was m’n bedoeling om te trakteren, niet om zo verschrikkelijk in het middelpunt te staan. Gelukkig is de taart geweldig. In sierlijke letters is ‘happy birthday Jeroen’ op de taart gespoten, in helblauwe en gifgroene crème die zelfs in het donker nog zichtbaar zou zijn. Als de kalmte is weergekeerd blijkt de taart ook nog best goed te smaken.

M’n handen plakken overal van het in stukken snijden van de taart. Ik loop naar achteren, naar het toilet, om m’n handen te wassen. Ik passeer de keuken en werp een korte blik naar binnen. Tegen één van de muren van de dampende ruimte staat een lange houten bank. Op de bank zitten onze dragers tegen elkaar gepakt op een rijtje, ieder met een plastic bordje met eenvoudig eten op schoot. Net als wij, toeristen, hebben ze zich vier dagen nauwelijks kunnen wassen. Vier dagen hebben ze met bagage die boven hun hoofden uit torende maar toch met de tred van jonge geitjes over de steenpuistige paden gerend, op simpele sandalen. Met aangekoekte modder op tenen, hakken en enkels zitten ze daar nu op een rijtje, weggestopt in de donkere keuken.

Terug aan tafel is het restaurant ineens een stuk minder eenvoudig, als vorsten krijgen we pizza’s op houten plankjes geserveerd. Ons luxeprobleem met halfbevroren bier wordt charmant opgelost door de bierfles kort in de pizzaoven te laten opwarmen.

Wandelkaart

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *