Quito, 5 maart 2005
Bij de douane op de luchthaven van Quito wordt ik eruit gepikt voor een routinecontrole. Mijn rugzak moet open en de inhoud wordt grondig geïnspecteerd. De twee douaniers vragen me ook om de laptop te starten. Ze willen zekerstellen dat het apparaat werkt zoals het hoort te werken.
Nadat mijn bagage is gecontroleerd ben ik zelf aan de beurt. De douaniers wijzen op een bodyscanner die achter me staat en verzoeken me er in plaats te nemen. Het begint nu tot me door te dringen dat ik als alleenreizende vanuit Ecuador naar Europa voldoe aan het profiel van een potentiële drugssmokkelaar. Met de röntgenscanner gaan ze zien of ik bolletjes heb geslikt. Met een gerust hart stap ik in de scanner en laat de röntgenstralen dwars door mijn lijf gaan. Van achter hun computerscherm zien de douaniers dat het goed is. Ik mag door naar de gates.
Zal ik het doen? Ja, ik doe het gewoon.
Zo vriendelijk als ik kan, vraag ik de douaniers of ik een kopie mag van de röntgenfoto die ze van me hebben gemaakt. Het viel me op dat ze die op een doodgewone pc hebben staan. Uit mijn rugzak haal ik een usb-stick, daar kunnen ze de röntgenfoto op zetten. Heel eenvoudig. En ja, ze doen het gewoon! Eén van de douanier neemt mijn usb-stick aan en prikt die in een poort van de pc. Hij neemt rustig de tijd om het bestand met de röntgenfoto er op te kopiëren. Ik bedank beide mannen hartelijk voor deze bijzondere extra service en ze wensen mij vriendelijk een goede reis.


