Maandag 1 juli 2002
Zeefdruk
Wat een heerlijke middag. Omdat ik ben gestopt met salsalessen, kan ik weer op een gezond tijdstip lunchen. De universiteitstuin is na alle geënsceneerde commotie van de afgelopen week weer gewoon geopend, zodat ik op een stenen bankje onder de oude bomen mijn broodje kan nuttigen. De eerste colectivo die ik na mijn lunch probeer aan te houden stopt direct en brengt mij naar het Capitolio. De galerie waar ik een zeefdruk van Wifredo Lam wil kopen lijkt gesloten, maar via de werkplaats naast de galerie kan ik toch binnenkomen. De verkoopster komt de trap aflopen en doet de verlichting aan. Ze herkent me van vorige week en weet nog precies welke zeefdruk ik op het oog heb. Ze rolt ‘m op en pakt ‘m in bruin pakpapier dat ze met stevig, breed plakband vastmaakt.
In plaats van de taxistandplaats bij het Capitolio, waar het voor mij vrijwel onmogelijk is om door een colectivo te worden meegenomen, zoek ik naar een minder in het oog springende plek langs de doorgaande route naar Vedado. Het begint te druppelen. Ik bekijk mijn opgerolde zeefdruk en schat het waterafstotend vermogen van het pakpapier niet hoog in. Gelukkig zet de regen niet door. Het einde van de Prado lijkt me een geschikte plek om een colectivo aan te houden, maar alle chauffeurs rijden me voorbij. Als ik verder wandel, zie ik dat ik het zicht van een politiepost stond. Op de San Lázaro lukt het wel. Ik breng mijn pakketje naar huis en ga dan voor het eerst in twee weken Internetten.
1984
Dit weekend heeft er een wisseling van de wacht plaatsgevonden. Diana is terug naar Engeland, Gaytrie is doorgereisd naar Santiago de Cuba voor nog twee weken Spaanse les, Carola is een weekje naar Trinidad en Pieter is naar Viñales doorgereisd. Gaytrie en Pieter zijn afgelopen weekend samen naar Trinidad geweest, voordat ze ieder hun eigen weg zijn gegaan. Trinidad is maar klein en de plekken waar toeristen komen zijn nog beperkter, dus natuurlijk zijn we hen op zaterdag meerdere malen tegengekomen. De enorme zuigplek achter in Pieters nek is daarbij niet onopgemerkt gebleven.
Er zou een goede real-life soap te maken zijn van het dagelijks leven van de buitenlanders die Spaans komen studeren in Havana. Gran Hermano, oftewel Big Brother, zou volgens mij geweldig aanslaan op dit eiland. De Cubanen die ik tot nu toe heb leren kennen zijn stuk voor stuk reuze nieuwsgierig naar eenieders persoonlijke verwikkelingen en mogen daar graag en uitgebreid over roddelen. Soms vermoed ik dat een dergelijk programma al wordt uitgezonden en dat alleen wij, de hoofdrolspelers, er geen weet van hebben. Het land heeft immers een uitstekende infrastructuur van videocamera’s en afluisterapparatuur, die hier ooit is aangelegd om zoals in het boek ‘1984’ het Cubaanse volk in de gaten te houden. De nieuwe studenten zorgen op deze eerste avond in Havana voor een frisse impuls in de verhaallijnen.
Onhandige avances
Het is een rustige avond op het dakterras van hotel Inglaterra. Hooguit vier, vijf tafeltjes zijn bezet, maar desalniettemin spelen er twee bands. Eerst een traditionele Cubaanse band die salsa en son brengt, gevolgd door een band die swingende Afrikaanse muziek uit de bongo’s slaat. Zittend aan een tafeltje kijk ik tegen een verlichte engel op het koepeldak van het Capitolio aan, boven het silhouet van de daken van de stad onder ons. Af en toe dringt het geluid van een luide claxon door tot het terras.
Bij me aan tafel zitten (van links naar rechts) Berry en twee nieuwe studenten, Josefina en Christian. Josefina is een prachtige Deens-Marrokaanse met lang donker haar, grote spetterende ogen en een licht getuite mond. Ze is spontaan en enthousiast als een jonge hond. Ze studeert multimediaontwerp en werkt in de galerie van haar ouders in Kopenhagen, een artistiek type dus. Berry valt wel voor de charmes van Josefina. Moedig geworden door een paar glazen pure, oude rum doet hij onhandige toenaderingspogingen. Vanuit het niets kan hij opkijken van zijn glas rum en tegen Josefina beginnen te praten, zonder zich af te laten leiden door de conversatie die gaande is. Voor Christian en mij is het moeilijk te volgen omdat Berry vrij consequent in het Zweeds tegen Josefina praat. Ze reageert spontaan op de avances van Berry, zoals ze op alles en iedereen enthousiast reageert. Maar op haar beurt lijkt ze meer interesse te hebben voor Christian, ze raakt hem tijdens het praten veelvuldig aan. En Christian brengt haar hier op het dakterras de eerste salsapassen bij, zoals hij ze zelf eerder vandaag van Vilma heeft geleerd.
Na middernacht zet een taxi ons af bij het huis van Onelio. Dartel vraagt Josefina wie van de jongens haar thuis wil brengen, naar het huis van Nirma. Het is een paar tellen stil. Diep verzonken in zijn eigen gedachtewereld gaat de open invitatie geheel aan Berry voorbij. Bijna sta ik op het punt om dan maar met Josefina mee te lopen, als Christian zich voorzichtig aanbiedt. Uitbundig zoenend neemt Josefina afscheid van Berry en mij en verdwijnt samen met Christian uit het licht van de lantaarnpaal.


