De betovering van de Malecón

De betovering van de Malecón
Woensdag 26 juni 2002

Internetten in Havana

Een e-mailtje versturen is in Havana niet vanzelfsprekend. Het kan vanuit de duurdere hotels, tegen afschrikwekkende tarieven. Het enige betaalbare alternatief dat door de reisgidsen wordt vermeld – met zes dollar per uur nog geen koopje – is het Internetcafé in het Capitolio. De belangstelling voor deze vier pc’s is dan ook enorm. Gelukkig zijn wij er dankzij Gerardo achter gekomen dat er ook Internet-pc’s staan in het internationaal perscentrum, op loopafstand van het huis van Onelio. Het is er nooit erg druk en de prijs is hetzelfde als in het Capitolio.

Wanneer ik langs het perscentrum loop zitten er toch wat mensen te wachten. Ik ga eerst een broodje halen bij de bar van Hotel Colina. Mijn plan om het broodje op een bankje in het universiteitspark op te eten gaat niet door. Het terrein is afgesloten. Ondanks de overweldigende steun voor de grondwetswijziging wordt er nog steeds over vergaderd. Een straat verder vind ik een muurtje, waarop ik ongemakkelijk het overvolle vleesbroodje nuttig. Ik kan het lang niet op. Een sjofele verkoper van de staatskrant Granma komt precies op het juiste moment voorbij om hem met het restant te verblijden.

Ik ga terug naar het perscentrum, maar het is er nog steeds even druk. Na een dutje om bij te slapen van de laat geworden afgelopen nacht in Marina Hemingway, probeer ik het een derde keer. Nu zijn er pc’s vrij. Toch is ook deze poging tevergeefs, want ik heb geen paspoort bij me. Ik had er niet op gerekend dat je je moet legitimeren om toegang te krijgen tot het Internet.

Lonken op de Malecón

Omdat ik nog maar weinig foto’s heb gemaakt, ga ik met mijn fototoestel in de aanslag slenteren langs de Malecón. De vervallen gebouwen langs de boulevard, de opvallende auto’s die het lege asfalt gebruiken om flink vaart te maken, de zee achter de wegbrokkelende muur die zich over de gehele Malecón uitstrekt, het fort El Morro dat op een rotspunt in de verte in zee steekt; op zichzelf allemaal fotowaardig vormen ze slechts het decor voor mijn foto’s. Het zijn de Cubanen die ik wil fotograferen, vanaf hun balkon uitkijkend over zee, wachtend op een colectivo, zwemmend tussen de rotsen achter de muur, zeulend met de binnenband van een vrachtauto om op te dobberen in zee.

Ik ga regelmatig op de muur zitten om de omgeving te observeren. Er komt een meisje langs dat met haar hondje heeft gezwommen en het beestje al lopend droogwrijft in een handdoek. Een nog nadruppelende vrouw in korte broek en bikinitopje blijft voor me stilstaan. “Waarom zit je hier helemaal alleen? Kom met me mee naar huis, ik heb een eigen huis.” Lonkend rammelt ze met haar sleutelbos. Vriendelijk sla ik haar aanbod af. Ze loopt verder, met haar twee kinderen elk aan een hand. De lichte motregen gaat over in een tropische bui. Net als de meeste Cubanen schuil ik onder een zuilengalerij aan de overkant van de weg. Een enkeling loopt stug door. Een groepje jongeren laat zich bewust kleddernat regenen. Een fietstaxi is gestopt. De fietser probeert zichzelf en zijn passagiers droog te houden onder een stuk doorzichtig zeil dat over het dakje van de fietstaxi is gehangen.

kwebbelen op een muurtje in Havana, Cuba
wachten op de bus in Havana, Cuba
meisje droog haar hond na het zwemmen op de Malecón in Havana
zwemmer met autoband op de Malecón in Havana
zwemmen bij de Malecón in Havana
kletsnat regenen in een tropische bui op de Malecón in Havana

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *